Bij het overlijden en de organisatie van een begraving worden de nabestaanden geconfronteerd met heel wat vragen. Heeft de overledene een laatste wil laten registreren? Voor welke begraafvorm kies je? Wens je een concessie? Voor welke begraafplaats kies je? Wat zijn de regels rond het plaatsen van een grafsteen? Alle informatie vind je hieronder per thema terug.
Werd je geconfronteerd met een overlijden van een naaste? Dan meld je dit best snel bij de gemeente waar de persoon is overleden. Want pas na de melding mag je de overledene laten begraven of cremeren.
Deze aangifte gebeurt in de praktijk doorgaans door de uitvaartondernemer. Hij brengt de volledige verwerking van het overlijden voor jou in orde. Enkel als je expliciet niet wenst te werken met een uitvaartondernemer, moet je zelf het overlijden melden bij team Burgerzaken.
Attest van erfopvolging
Bij een overlijden worden de bankrekeningen van de overledene uit voorzorg geblokkeerd. Om deze te laten deblokkeren, heb je een attest van erfopvolging (de vroegere erfrechtverklaring) nodig.
Dit attest kan niet door het gemeentebestuur afgeleverd worden, maar wordt opgemaakt door een notaris of een registratiekantoor.
Indien de overledene beschikte over een huwelijkscontract, testament of schenking onder levenden, dan wordt het attest van erfopvolging opgemaakt bij een notaris. Beschikte de overledene hier niet over? Dan vraag je dit attest aan bij een registratiekantoor. Dat kan online via MyMinFin of aan het loket van het registratiekantoor (Voorstraat 43 bus 43, 3500 Hasselt).






